Dicht op de zorg. Mee aan het stuur | Verpleegkundig specialisten bewaken het hele zorgtraject

Jaarverslag 2025

Ze staan met één voet in de praktijk en met de andere in beleid, opleiding en onderzoek. In het UPC KU Leuven geven verpleegkundig specialisten mee vorm aan zorg die consistenter en slimmer wordt georganiseerd. Hun functie is nog jong, maar de meerwaarde tekent zich nu al duidelijk af.

Drie verpleegkundig specialisten telt het UPC KU Leuven: Laura Van Eldere voor suïcidepreventie, Rosalien De Wachter voor agressiepreventie en -hantering en Kaat Stone in de kinder- en jeugdpsychiatrie voor ADHD. Ze blijven dicht bij de patiëntenzorg en zorgen dat expertise niet versnipperd raakt.

Ruimte om dieper te gaan

“Een verpleegkundig specialist is in de eerste plaats een klinische functie”, zegt Rosalien De Wachter. “Maar wel een functie met vier pijlers: klinisch werk, opleidingen, onderzoek en beleid.” Het gaat niet om afstand nemen van de werkvloer, wel om net van daaruit verbanden te leggen, noden te zien en verbeteringen mee mogelijk te maken.

Rode draad door complexe trajecten

Voor Kaat Stone speelt continuïteit een centrale rol. Zij werkt op de ADHD-raadpleging en volgt kinderen en jongeren met hun ouders op, vooral rond medicatieopstart, bijsturing en opvolging op korte en op lange termijn. Daarnaast werkt ze mee aan een groepsaanbod voor ouders rond o.a. psycho-educatie en medicatie. “Onze psychiaters in opleiding wisselen elk jaar”, zegt ze. “Maar kinderen met ADHD zijn bij ons soms meerdere jaren in opvolging. Dan is het moeilijk als zij telkens een nieuwe arts zien.”

Precies dan is Kaats functie van tel. “Ik schuif mee doorheen verschillende fasen van hun leven. Ik kan mee nadenken hoe we meer structuur brengen in de opvolging, zodat elke patiënt de juiste zorg krijgt. Dat zet me op een bijzonder waardevolle positie in hun traject.” ADHD-trajecten verlopen vaak lang en zijn grillig. “Er zijn periodes waarin jongeren minder ondersteuning nodig hebben en in andere veel meer. Dat is niet altijd voorspelbaar.” Die blik op het hele traject, niet op één consult, maakt haar werk wezenlijk anders. Ook Laura Van Eldere ziet die nood aan een rode draad. In suïcidepreventie lopen patiënten vaak via spoed, crisisopname, observatie en vervolgzorg door verschillende diensten. “Continuïteit van zorg is enorm belangrijk bij patiënten met suïcidale gedachten en gedragingen”, zegt ze. “Als verpleegkundig specialist streef ik ernaar daarin de rode draad te zijn.”

Ook bij agressiepreventie en -hantering betekent dat: mee op afdelingen werken, incidenten analyseren, teams ondersteunen en tegelijk ziekenhuisbreed bewaken of afspraken, protocollen en wetgeving op elkaar afgestemd zijn. “Ik vorm de brug tussen praktijk en beleid”, zegt Rosalien De Wachter. “Doordat ik veel op de vloer kom, kunnen aandachtspunten in beide richtingen sneller en efficiënter gesignaleerd worden.”

Doen wat werkt, en aftoetsen waarom

Onderzoek is voor het drietal geen losstaande academische oefening. “Wat we doen, durven we kritisch te bekijken”, zegt Kaat Stone. “Kunnen we onze werking aanpassen? En hoe doen we dat op basis van wat er al bestaat?” Zij werkt mee aan een retrospectieve studie naar tien jaar ADHD-zorg, om medicatieopvolging, trajecten en ervaringen van patiënten en ouders beter te begrijpen. Doel: het aanbod verfijnen.

Laura Van Eldere onderzoekt, in het kader van haar doctoraat, transities binnen het suïcidale spectrum bij patiënten die zich via spoed aanmelden. “Ik analyseer 20 jaar van psychiatrische spoedaanmeldingen voor suïcidale gedachten en gedragingen, met focus op patronen, evoluties en verschillen tussen subgroepen. Daarnaast onderzoek ik hoe patiëntkenmerken en zorggeschiedenis samenhangen met uitkomsten zoals tijd tot overlijden en herhaalde aanmeldingen.” Ook Rosalien De Wachter gebruikt incidentdata als hefboom om te analyseren en patronen te zien. “We doen onderzoek om het te kunnen vertalen naar de praktijk”, zegt De Wachter. “Om goede praktijken te implementeren.”

Een jonge functie met veel potentieel

De functie van verpleegkundig specialist is in België nieuw in de geestelijke gezondheidszorg. In het UPC KU Leuven groeide ze niet zomaar uit het niets en bestaat er al jaren ervaring in elk van de thema’s. “We beginnen niet met een tabula rasa”, zegt Van Eldere. “Die verdieping was er al, maar wij kunnen er nu gerichter en voltijds mee bezig zijn.”

De Wachter: “De schakelfunctie was snel voelbaar. Collega's weten me makkelijk te vinden, zodat ik vanuit mijn rol mee kan bepalen waar vragen, problemen of ideeën aan bod moeten komen.” Dat is hun meerwaarde: niet alleen zorg uitvoeren, maar ook mee vasthouden, verdiepen en vooruitduwen. Of zoals Kaat Stone het zegt: “Ik vind dit een heel fijne functie. Je krijgt de ruimte om stil te staan, je te verdiepen en na te gaan wat het beste voor de patiënt is en voor onze zorg in het algemeen.”

 

Lees meer 

Jaarverslag 2025

Wat is een verpleegkundig specialist?

 

Volgens Jasper Vanhoof, coördinator van het competentiecentrum verpleegkunde, vertrekt de functie altijd vanuit een klinische behoefte.

“Een verpleegkundig specialist komt tegemoet aan noden die door meer traditionele disciplines onvoldoende afgedekt raken. Het gaat vaak om thema’s met een hoge complexiteit, waar kliniek, onderzoek, beleid en opleiding samenkomen.” 

De recente wetgeving bakent de functietitel scherper af: vandaag is daarvoor een master in de verpleegkunde nodig, bij voorkeur met afstudeerrichting verpleegkundig specialist.

Maar de essentie van de functie zat al langer in de praktijk vervat. “De opleiding bereidt je al breed voor”, zegt Vanhoof. “De echte specialisatie groeit op de werkvloer, via ervaring in een specifiek thema.”